Bijstellingen

Bijstellingen

Begroting
2017

Begroting
2018

Raming
2019

Raming
2020

Raming
2021

Beheer algemene middelen

Ramingsbijstellingen

58.654

57.321

38.663

29.289

31.539

Reserves

0

-3.033

2.122

-594

-594

Taakmutaties

414

-1.029

-1.329

-1.091

2.452

Technische Wijzigingen

739

24.269

20.320

18.479

18.479

Totaal

59.807

77.528

59.776

46.083

51.876

Aansluiting met voorgaande begroting (saldo na reservering)

Begroting
2017

Begroting
2018

Raming
2019

Raming
2020

Raming
2021

Beheer algemene middelen

Oorspronkelijke begroting

1.534.031

1.495.541

1.476.372

1.471.910

1.471.910

Wijzigingen omissieregeling

0

-645

-654

-654

-654

Bijstellingen voorjaarsnota

59.808

77.526

59.774

46.080

51.873

Totaal bijgestelde begroting

1.593.839

1.572.422

1.535.492

1.517.336

1.523.129

Ramingsbijstellingen

Ramingsbijstellingen

Begroting
2017

Begroting
2018

Raming
2019

Raming
2020

Raming
2021

Beheer algemene middelen

Aanpassing rente als gevolg van gewijzigd BBV

529

390

-695

-194

-194

Actualiatie Gemeentefonds

-2.063

13.912

17.789

23.664

25.028

Bijstelling post onvoorzien

3.000

3.000

3.000

3.000

3.000

Effecten Algemene reserve, voorjaarsretraite 2017

54.789

27.696

144

2.294

2.577

Evenwicht begroting in Lias

-1

-2

0

0

0

Gedeeltelijke uitkering trend

0

7.125

7.125

7.125

7.125

Kasschuif IFR

0

5.200

11.300

-6.600

-9.900

Taakstellende onderuitputting

4.000

0

0

0

0

Toevoeging IFR

-1.600

0

0

0

0

Vrijval kapitaallasten Zuidplein

0

0

0

0

3.903

Totaal

58.654

57.321

38.663

29.289

31.539

Aanpassing rente als gevolg van gewijzigd BBV (van € 529 tot - € 194)

Deze mutaties zijn het gevolg van de aanpassing van het volume van opgenomen en verstrekte gelden en de extra kapitaallasten die samenhangen met de bijgestelde rentebaten IFR.

Actualisatie Gemeentefonds (van - € 2,1 mln tot € 25 mln)

De raming van de algemene uitkering van het Gemeentefonds is geactualiseerd.
De daadwerkelijke financiële effecten zijn bekend op Prinsjesdag 2017 (septembercirculaire Gemeentefonds).

Bijstelling post Onvoorzien ( € 3 mln)

Het BBV schrijft voor dat de begroting een post onvoorzien bevat, zonder een maximale dan wel minimale hoogte van deze post voor te schrijven. In recente jaren is deze post in onze gemeente steeds begroot op € 3,6 mln. Dit bedrag komt neer op 1% van de omzet. In achtereenvolgende jaren is echter nooit gebruik van deze post. Daarom is zij tussentijds bij bestuursrapportages dan wel bij rekening vrijgevallen. Daarbij is, vergeleken met de andere G4-gemeenten, de hoogte van de post onvoorzien in Rotterdam relatief hoog. Voorgesteld wordt de hoogte van het bedrag per 2017 structureel naar beneden bij te stellen naar € 600. Dit komt neer op € 1,00 per inwoner. Het effect hiervan op de weerstandsratio is minimaal.

Effecten Algemene reserve, voorjaarsretraite 2017 (van € 54,8 mln tot € 2,6 mln)

De toevoeging en onttrekking aan de algemene reserve dient als sluitpost voor het in evenwicht brengen van de concern exploitatie. Als gevolg daarvan wordt voorgesteld in 2017 € 54,8 mln extra te onttrekken aan de Algemene Reserve.

Evenwicht begroting in Lias (van - € 1 tot € 0)

Dit gaat om een klein aantal aanpassingen om afrondingsverschillen op te lossen.

Gedeeltelijke uitkering trend (€ 7,1 mln)

Het trendpercentage voor de categorie ‘materieel’ is voor het jaar 2018 gehalveerd naar 1,15%. Subsidies worden in principe met 2,1% opgehoogd, een saldo van de trend van 2,8% en een taakstelling van 0,7%. Dit geldt niet voor de subsidies die worden betaald uit de integratie-uitkering Sociaal Domein.
Door het gedeeltelijk uitkeren van de trend is budget beschikbaar voor de meerjarenbegroting.

Kasschuif IFR (van € 5,2 mln tot - € 9,9 mln)

Rekening houdend met een gewenst weerstandsvermogen van minimaal € 160 mln. dreigde voor de jaren 2018 en 2019 hierop een ongewenst negatief saldo te ontstaan.Dat zal zich in de jaren 2020 en 2021 stabiliseren. Daarom wordt voorgesteld om voor de jaren 2018 en 2019 een onttrekking aan het IFR te doen om voor elk van deze jaren aan het genormeerde weerstandsvermogen te kunnen voldoen, terwijl dit in 2020 en 2021 weer geheel terugvloeit aan het IFR. Over de jaren 2018 – 2021 verloopt dit per saldo budgettair neutraal.

Taakstellende onderuitputting (€ 4 mln)

De jaarrekening van de gemeente Rotterdam laat de afgelopen jaren een overschot zien. Dit overschot wordt deels veroorzaakt door onderuitputtingen.
Bij de Voorjaarsnota 2017 wordt eenmalig een taakstellende onderuitputting opgenomen. De daadwerkelijke invulling ervan zal bij de Tweede herziening over 2017 worden verwerkt.

Toevoeging IFR (- € 1,6 mln)

Om enkele fysieke projecten af te wikkelen via het IFR wordt voorgesteld € 1,6 mln toe te voegen aan het IFR.

Vrijval kapitaallasten Zuidplein (€ 3,9 mln)

De termijn van afschrijving van de metrolijn CS-Zuidplein loopt voor de periode van 1971 tot en met 2020. Daarmee vallen deze structurele lasten met ingang van 2021 vrij.

Taakmutaties

Taakmutaties

Begroting
2017

Begroting
2018

Raming
2019

Raming
2020

Raming
2021

Beheer algemene middelen

Bijstelling rijksbijdrage

414

-1.029

-1.329

-1.091

2.452

Totaal

414

-1.029

-1.329

-1.091

2.452

Bijstelling rijksbijdrage (van € 414 tot € 2,5 mln)

Bij de september- en decembercirculaire 2016 zijn de taakmutaties en decentralisatie uitkeringen bijgesteld. Deze bijstelling is ook bij de betreffende producten verwerkt en is derhalve per saldo concernbreed budgettair neutraal.

Reserves

Reserves

Begroting
2017

Begroting
2018

Raming
2019

Raming
2020

Raming
2021

Beheer algemene middelen

Omzetting reserve Bodem

0

0

0

0

0

Opheffing Financieringsreserve toevoeging aan Algemene Reserve

0

-3.033

2.122

-594

-594

Verwerken indexering 2018

0

0

0

0

0

Totaal

0

-3.033

2.122

-594

-594

Omzetting reserve Bodem (€ 0)

Dit betreft de beëindiging met ingang van 2021 van de jaarlijkse bijdrage van € 9,0 mln in het Gemeentefonds (taakmutatie). Daarmee wordt de rijksbijdrage vanaf 2021 verlaagd en daarmee ook de toevoeging van dit bedrag aan de reserve Taakmutaties.

Opheffing Financieringsreserve toevoeging aan Algemene Reserve (€ 3 mln tot - € 594)

De Commissie BBV heeft als richtlijn gegeven dat de omslagrente de werkelijke financieringskosten moet volgen. Daarmee komt de egalisatiefunctie van de Financieringsreserve te vervallen. Met het oog hierop wordt de Financieringsreserve per 1 januari 2018 opgeheven. Het vrijvallende bedrag wordt geheel toegevoegd aan de Algemene Reserve. Het heeft hierdoor geen effect op het weerstandsvermogen. De begrote mutaties 2018 en verdere jaren met de Financieringsreserve zijn
omgezet naar mutaties van de Algemene Reserve. Ook dit is budgetneutraal.

Verwerken indexering 2018 (€ 0)

Dit betreft de toevoeging van de trend aan het IFR met ingang van 2018. Deze mutatie is budgetneutraal binnen het product Beheer Algemene Middelen.

Technische wijzigingen

Technische Wijzigingen

Begroting
2017

Begroting
2018

Raming
2019

Raming
2020

Raming
2021

Beheer algemene middelen

Overheveling budget overige materiële kosten

218

50

50

50

50

Verlaging omslagrente

521

-209

-3.445

-5.134

-5.134

Indexering 2018

0

3.633

3.125

2.973

2.973

Trend 2018

0

20.795

20.590

20.590

20.590

Totaal

739

24.269

20.320

18.479

18.479

Overheveling budget overige materiële kosten (van € 218 tot € 50)

Op het product Beheer Algemene Middelen zijn programmalasten begroot voor incidentele onderzoeken, adviesopdrachten e.d. Voorgesteld wordt deze budgetten over te hevelen naar het product Audits en Control ter dekking van kosten die samenhangen met de doorontwikkeling van de controlfunctie en ter versterking van de governance op deelnemingen.

Verlaging omslagrente (van € 521 tot - € 5,1 mln)

Dit betreft technische correctie als gevolg van verlaging omslagrente naar 3% bij begroting 2017 en heeft enkel betrekking op de kapitaallasten vastgoed. Op concernniveau is dit budgetneutraal.

Indexering 2018 (€ 3,6 mln tot € 3,0 mln)

Door het verwerken van de indexering komen de bedragen vanaf 2018 op het juiste prijspeil in de meerjarenbegroting.

Trend 2018 (van € 20,8 mln tot € 20,6 mln)

Bij de recente circulaire heeft bijstelling van de trend 2018 voor de jaren 2018 t/m 2021 plaatsgevonden. Bij de betreffende clusters wordt de bijbehorende trend opgenomen op het betreffende product, de bijstelling van de rijksbijdrage vindt plaats bij Beheer Algemene Middelen.