Baten en Lasten

Baten en lasten (meerjarig)

Rekening
2016

Begroting
2017

Begroting
2018

Raming
2019

Raming
2020

Raming
2021

Totaal baten

1.568.407

1.507.416

1.556.259

1.554.782

1.558.332

1.554.273

Bijdragen rijk en mede-overheden

1.547.627

1.492.293

1.540.862

1.539.992

1.543.735

1.539.655

Financieringsbaten

5

0

0

0

0

0

Opbrengsten derden

107

0

0

0

0

0

Overige baten

20.668

15.123

15.397

14.790

14.597

14.618

Totaal lasten

28.515

7.919

33.781

31.930

30.906

27.024

Apparaatslasten

24.411

0

0

0

0

0

Overige apparaatslasten

0

0

0

0

0

0

Personeel

24.411

0

0

0

0

0

Programmalasten

4.104

7.919

33.781

31.930

30.906

27.024

Inkopen en uitbestede werkzaamheden

-173

8

8

8

8

8

Kapitaallasten

102

56

34

11

0

0

Overige programmalasten

0

3.950

29.834

28.006

26.993

27.014

Salarislasten WSW en WIW

0

0

0

0

0

0

Subsidies en inkomensoverdrachten

4.175

3.905

3.905

3.905

3.905

2

Saldo voor VPB en reserveringen

1.539.892

1.499.497

1.522.478

1.522.852

1.527.426

1.527.249

VPB

490

500

500

500

500

500

Saldo voor reserveringen

1.539.404

1.498.998

1.521.979

1.522.352

1.526.925

1.526.749

Onttrekking aan reserves

66.091

135.256

20.621

22.875

18.345

18.345

Toevoeging aan reserves

69.945

44.781

58.726

9.735

27.935

21.966

Vrijval reserves

20339

4.366

88.549

0

0

0

Resultaat

1.555.889

1.593.839

1.572.422

1.535.492

1.517.336

1.523.129

Toerekening overhead aan programma

Overhead concernondersteuning en concernhuisvesting

0

0

0

0

0

0

Overhead clustermanagement en ondersteuning

0

0

0

0

0

0

Resultaat na Overhead

1.555.889

1.593.839

1.572.422

1.535.492

1.517.336

1.523.129

Toelichting op de tabel
Baten

De baten bestaan hoofdzakelijk uit de rijksmiddelen die Rotterdam vanuit het Gemeentefonds ontvangt. Naast een algemene uitkering ontvangt de gemeente Rotterdam ook rijksmiddelen in de vorm van specifieke uitkeringen, decentralisatie uitkeringen en taakmutaties. Vanaf 2015 maakt ook het Sociaal deelfonds onderdeel uit van het Gemeentefonds.

Lasten

Hieronder zijn voornamelijk opgenomen de conform het BBV verplichte post onvoorzien, een bijdrage aan marktpartijen in de vorm van kapitaallasten en het budget voor onderzoek en uitbesteding concernbreed. Tevens worden hier onder overige programmalasten ook concernbrede stelposten opgenomen.

Reserves

De Commissie BBV heeft als richtlijn gegeven dat de omslagrente de werkelijke financieringskosten moet volgen. Daarmee komt de egalisatiefunctie van de financieringsreserve te vervallen. Met het oog hierop wordt de financieringsreserve per 1 januari 2018 opgeheven. Het vrijvallende bedrag wordt toegevoegd aan de algemene reserve.

Meerjarig verloop

De jaarlijkse mutatie van het Gemeentefonds loopt voor een groot deel parallel aan de groei/daling van de Rijksuitgaven. De bijdrage in de kapitaallasten voor de metrolijn CS-Zuidplein stopt in 2021, na 50 jaar. De stijging van de programmalasten vanaf 2018 is hoofdzakelijk het gevolg van de, bij dit product opgenomen, lasten ten behoeve van de verwachte uitgaven IFR.