Baten en Lasten

Baten en lasten (meerjarig)

Rekening
2016

Begroting
2017

Begroting
2018

Raming
2019

Raming
2020

Raming
2021

Totaal baten

0

801

802

803

804

804

Opbrengsten derden

0

0

0

0

0

0

Overige baten

0

801

802

803

804

804

Totaal lasten

10.453

4.671

5.038

5.039

5.040

5.040

Apparaatslasten

3.282

2.861

3.221

3.221

3.221

3.221

Overige apparaatslasten

2.290

1.871

1.892

1.892

1.892

1.892

Personeel

992

990

1.329

1.329

1.329

1.329

Interne Lasten

6

8

8

8

8

8

Overige doorbelastingen

6

8

8

8

8

8

Programmalasten

7.165

1.802

1.809

1.810

1.811

1.811

Inkopen en uitbestede werkzaamheden

15

205

208

208

208

208

Overige programmalasten

7.142

1.597

1.601

1.602

1.603

1.603

Subsidies en inkomensoverdrachten

8

0

0

0

0

0

Saldo voor VPB en reserveringen

-10.453

-3.870

-4.236

-4.236

-4.236

-4.236

VPB

0

0

0

0

0

0

Saldo voor reserveringen

-10.454

-3.870

-4.235

-4.235

-4.235

-4.235

Resultaat

-10.453

-3.870

-4.236

-4.236

-4.236

-4.236

Toerekening overhead aan programma

Overhead concernondersteuning en concernhuisvesting

0

0

0

0

0

0

Overhead clustermanagement en ondersteuning

0

0

0

0

0

0

Resultaat na Overhead

-10.453

-3.870

-4.236

-4.236

-4.236

-4.236

Toelichting op de tabel
Baten

Vanaf 2017 worden baten zichtbaar. Door nieuwe regelgeving wordt er rente toegevoegd aan voorzieningen, die zijn gewaardeerd tegen netto contante waarde. Binnen het product College betreft dit de voorziening pensioenen.

Lasten

De lasten van het product College bestaan voor een groot deel uit personeelslasten. Daarnaast zijn er reis- en verblijfkosten (inclusief internationale werkbezoeken) vergaderkosten, abonnementen en overige kosten voor burgemeester en wethouders. Verder is er jaarlijks een toevoeging aan de pensioenvoorziening begroot.

Reserves

Voor de jaren 2017 en verder zijn voor het product College nog geen onttrekkingen of toevoegingen aan reserves begroot.

Meerjarig verloop

Het budget voor College daalt in 2017 ten opzichte van 2016 voor wat betreft overige apparaatslasten in verband met voor enkele jaren overgekomen budget vanuit de deelgemeenten voor pensioenen, wachtgelders en begeleidingskosten wethouders. Vervolgens blijft het budget stabiel.