Baten en lasten

Baten en lasten (meerjarig)

Rekening
2016

Begroting
2017

Begroting
2018

Raming
2019

Raming
2020

Raming
2021

Totaal baten

1.970.769

1.898.846

1.937.532

1.934.495

1.936.874

1.931.946

Belastingen

244.793

243.163

248.436

248.436

248.436

248.436

Bijdragen rijk en mede-overheden

1.549.211

1.492.293

1.540.862

1.539.992

1.543.735

1.539.655

Dividenden

110.639

112.474

101.573

102.664

104.031

105.426

Financieringsbaten

34.839

22.230

18.681

15.387

12.610

10.372

Opbrengsten derden

32.968

33.027

31.415

31.386

31.367

31.362

Overige baten

-1.681

-4.341

-3.435

-3.370

-3.305

-3.305

Totaal lasten

44.143

25.432

48.073

44.473

41.167

34.675

Apparaatslasten

62.398

29.737

25.151

23.009

22.116

18.090

Inhuur

1.898

200

198

198

198

198

Overige apparaatslasten

1.027

618

620

612

612

612

Personeel

59.473

28.919

24.333

22.199

21.306

17.280

Interne Lasten

-4.379

-6.862

-4.750

-4.750

-4.750

-4.750

Concernbrede bedrijfsvoeringskosten

0

0

0

0

0

0

Overige doorbelastingen

-4.379

-6.862

-4.750

-4.750

-4.750

-4.750

Programmalasten

-13.876

2.557

27.672

26.214

23.801

21.335

Financieringslasten

56.196

54.054

60.369

63.766

63.864

67.626

Inkopen en uitbestede werkzaamheden

958

2.642

1.871

1.745

1.745

1.745

Kapitaallasten

-96.873

-74.023

-78.531

-82.226

-84.253

-77.222

Overige programmalasten

21.668

15.979

40.058

39.024

38.540

29.184

Salarislasten WSW en WIW

0

0

0

0

0

0

Subsidies en inkomensoverdrachten

4.175

3.905

3.905

3.905

3.905

2

Saldo voor VPB en reserveringen

1.926.626

1.873.414

1.889.459

1.890.022

1.895.707

1.897.271

VPB

490

500

500

500

500

500

Saldo voor reserveringen

1.926.139

1.872.915

1.888.961

1.889.524

1.895.205

1.896.770

Onttrekking aan reserves

87.934

152.568

32.486

27.367

22.371

18.345

Toevoeging aan reserves

136.044

76.314

79.390

26.749

45.155

39.510

Vrijval reserves

20339

4.366

88.549

0

0

0

Resultaat

1.898.367

1.953.535

1.930.604

1.890.141

1.872.423

1.875.607

Toerekening overhead aan programma

Overhead concernondersteuning en concernhuisvesting

8.234

8.418

7.897

7.962

7.926

7.926

Overhead clustermanagement en ondersteuning

0

1.936

1.790

1.812

1.791

1.791

Resultaat na Overhead

1.890.133

1.943.181

1.920.917

1.880.367

1.862.706

1.865.890

Toelichting op de tabel
Baten

De baten bestaan uit de belastingopbrengsten, rijksmiddelen uit het Gemeentefonds, dividenden en financieringsbaten over verstrekte leningen en garanties.

Lasten

De apparaatslasten zijn voornamelijk uitgaven voor Van Werk Naar Werk (VWNW) voor personeelskosten en arrangementen voor herplaatsingskandidaten en op de uitvoering van het proces belastingheffing.

De twee grootste posten onder de programmalasten bestaan uit de financieringslasten over extern aangetrokken geldleningen en de kapitaallasten waaronder de interne verrekening van de omslagrente plaatsvindt. Verder zijn onder overige programmalasten de ingeschatte risico's voor verstrekte leningen en garanties en concernbrede stelposten de belangrijkste posten.

Reserves

De reserves die onder het programma Algemene middelen zijn opgenomen hebben betrekking op een aantal concernbrede reserves. Het gaat hoofdzakelijk om de Algemene reserve, Kredietrisicoreserve, Financieringsreserve, Investeringsfonds Rotterdam, reserves ten behoeve van de reorganisaties (Motie 31 en Rotterdam in Ontwikkeling) en de Bestemmingsreserves Taakmutaties. Daarnaast is er nog de Bestemmingsreserve Rotterdam Energy and Climate Programme (RECP) voor het product Deelnemingen.

Meerjarig verloop

De totale baten laten per saldo tussen 2018 en 2021 een stijging ten opzichte van 2017 zien. Deze stijging wordt hoofdzakelijk veroorzaakt door enerzijds hogere verwachte rijksmiddelen en belastinginkomsten en anderzijds lagere financieringsbaten uit verstrekte leningen en garanties en lagere dividendinkomsten. Overigens wordt voor 2017 een eenmalig significante meeropbrengst aan dividendinkomsten begroot.

De jaarlijkse mutatie van het Gemeentefonds is gekoppeld aan circa 40% van de rijksuitgaven, in hoofdlijnen alle uitgaven van het Rijk minus de uitgaven aan Zorg en Sociale Zekerheid.
De rijksuitgaven dalen van 2016 naar 2017 en stijgen weer in 2018. Van 2016 naar 2017 dalen de bijdragen voor decentralisatie- en integratie-uitkeringen (waaronder het Sociaal Domein) met € 25 mln. Naast de koppeling met de rijksuitgaven stijgt de bijdrage van 2017 naar 2018 door het verwerken van het prijspeil van het jaar 2018.

De totale lasten laten tussen 2018 en 2021 ten opzichte van 2017 een stijging zien. Zo stijgen per saldo de programmalasten, wat vooral komt door de stijging van de financieringslasten door hogere investeringsvoornemens en een hogere externe rentelast.

Tegenover de stijgende programmalasten staan dalende apparaatslasten. Dit komt voornamelijk door dalende kosten bij het product Van Werk Naar Werk voor personeelskosten en arrangementen voor herplaatsingskandidaten.